Reken spelletjes: ideeën om samen te oefenen
Reken spelletjes maken oefenen afwisselend: spelers tellen, vergelijken of rekenen om een doel te bereiken. Je kunt beginnen met dobbelstenen, kaarten of voorwerpen die je al hebt. Kies een opdracht die past bij wat de spelers kennen en spreek vooraf af hoe een beurt verloopt. Hieronder staan ideeën voor alleen, met z'n tweeën en voor een groep.
Begin met tellen en vergelijken
Voor jonge of beginnende rekenaars zijn zichtbare voorwerpen handig. Leg bijvoorbeeld knopen, blokjes of stukjes papier op tafel. Laat een speler een kleine verzameling maken en de ander tellen hoeveel erin liggen. Wissel daarna de rollen om.
Maak er een spel van met deze stappen:
- Iedere speler pakt zonder te kijken een handje voorwerpen.
- Tel beide verzamelingen hardop.
- Vergelijk de aantallen: welke verzameling is groter en hoeveel scheelt het?
- Leg alles terug en speel opnieuw.
Begin met kleine aantallen en vergroot ze wanneer dat goed gaat. Bij gelijke aantallen kunnen beide spelers een punt krijgen, of je speelt zonder punten en probeert samen het verschil te vinden. Laat de voorwerpen liggen tijdens het rekenen, zodat iedereen kan controleren.
Dobbel en maak een som
Met twee dobbelstenen kun je op verschillende niveaus spelen. Gooi allebei de stenen en tel de ogen op. Wie het antwoord geeft, legt uit hoe die heeft geteld. Dat kan door alle ogen te tellen, maar ook door bij het grootste aantal verder te tellen.
Spreek een variant af voordat je begint:
- Optellen: tel de twee worpen bij elkaar op.
- Aftrekken: trek het kleinste aantal van het grootste af.
- Vermenigvuldigen: vermenigvuldig de twee aantallen.
- Doelgetal: kies vooraf een getal en kijk hoeveel je worp daarvan verschilt.
Speel om de beurt en geef ruimte om rustig na te denken. Een score is niet nodig. Wil je wel punten bijhouden, geef dan bijvoorbeeld één punt voor een goed uitgelegde oplossing. Gebruik papier om tussenstappen op te schrijven als hoofdrekenen nog lastig is.
Speel een kaartspel met getallen
Maak zelf kaartjes met getallen, telkens twee van elk. Schud ze en leg ze dicht op tafel. Een speler draait twee kaarten om. Zijn de getallen gelijk, dan mag de speler het paar houden. Zo niet, dan gaan de kaarten terug op dezelfde plek en is de volgende speler aan de beurt.
Voor een rekenvariant maak je kaartjes met sommen en bijpassende antwoorden. Een kaart met `3 + 4` vormt dan een paar met een kaart met `7`. Kies sommen met verschillende uitkomsten en maak van iedere uitkomst één antwoordkaartje, zodat elk paar duidelijk te herkennen is. Begin met een paar combinaties en voeg later meer toe.
Je kunt de kaarten ook open neerleggen. Dat legt minder nadruk op onthouden en meer op het vinden en uitleggen van een antwoord. Laat spelers na afloop samen nakijken of alle paren kloppen.
Bedenk een rekenspeurtocht
Verstop briefjes met opdrachten in een kamer. Op ieder briefje staat een som en een aanwijzing voor de volgende plek. De aanwijzing kan gewoon in woorden op het briefje staan: zo blijft een rekenfout geen reden om vast te lopen. Aan het eind ligt bijvoorbeeld een zelfgetekende medaille of een laatste puzzel.
Pas de opdrachten aan de ruimte en de spelers aan. Laat iemand bijvoorbeeld drie rode voorwerpen zoeken en er twee blauwe bij leggen. Vraag daarna hoeveel voorwerpen er samen liggen. Spreek af welke plekken toegankelijk zijn en ruim de briefjes na het spel samen op.
Zo kies je een passend spel
Kijk eerst naar de vaardigheid die je wilt oefenen. Voor tellen helpen voorwerpen die je kunt verplaatsen; voor tafels kan een dobbelspel geschikt zijn. Speel kort genoeg om de aandacht vast te houden en verander de opdracht als die te makkelijk of te moeilijk blijkt.
Laat spelers hun eigen aanpak vertellen. Twee spelers kunnen hetzelfde antwoord op verschillende manieren vinden. Controleer een fout samen met materiaal of een tussenstap, zonder van snelheid de belangrijkste maatstaf te maken. Bij een groep kun je teams vormen waarin spelers elkaar helpen.
Veelgestelde vragen
Zijn reken spelletjes ook geschikt om alleen te spelen?
Ja. Draai bijvoorbeeld een somkaart om, zoek het antwoord en controleer daarna met een antwoordblad. Je kunt ook een dobbelsteen gooien en zelf een som bij de worp bedenken.
Wat heb ik nodig om te beginnen?
Papier en een potlood zijn vaak genoeg. Voorwerpen, zelfgemaakte kaarten of dobbelstenen bieden extra mogelijkheden, maar zijn niet voor elk spel nodig.
Hoe maak ik een spel makkelijker of moeilijker?
Verklein of vergroot de getallen, gebruik minder of meer kaarten en kies een passende bewerking. Zichtbare voorwerpen en extra denktijd kunnen helpen bij een eerste ronde.